Genieten van een muziekfeest! Wie wil dat niet? (87)

De tien woorden in dit verhaal zijn: vos, tamboerijn, aftellen, rits, televisie, caravan, brievenbus, weegschaal, asperge en koel

Sommige feesten kun je beter overdag laten gebeuren.
Vooral als er veel lawaai bij gemaakt wordt!
Dat heeft iedereen in het dorp, waar Siebe woont, wel geleerd!

Twee keer per jaar wordt daar nu de kans voor gegeven.
Het wordt allemaal goed geregeld.
Er mag daar dan veel muziek gemaakt en gedanst worden.


Het is nu voorjaar! Op een zaterdag over 3 weken is het zover.

Bij alle huizen is er een brief in de brievenbus gedaan.
Iedereen weet nu wat er wel en niet mag.
Ook de begin- en eindtijd.


Veel mensen, groot en klein hebben er zin in.

Ze kunnen de dagen aftellen tot het zover is.
Het muziekfeest!


Eindelijk is het dan zover!

Het grote plein in het dorp is versierd.
Om 1 uur ’s middags begint het.
Er staan al veel mensen.


Daar komt een groep muzikanten aan. Mooi op tijd!

Zij hebben allemaal dezelfde kleding aan. Heel mooi!
Ze hebben nog niet gespeeld.
Ze hebben allemaal
hetzelfde muziekinstrument!

Voorop loopt 1 muzikant.
Hij beweegt zijn handen ritmisch op en neer.
In beide handen heeft hij wat.
In de ene hand een stokje.
In de andere iets dat op een platte trommel lijkt.
Het heeft langs de rand belletjes.
Dat maakt een rinkelend geluid, als je je hand beweegt.
Met het stokje kun erop slaan. Net zoals op een trommeltje.

Het is een tamboerijn!

Het is een vrolijk geluid.
Bijna niemand kan stil blijven staan.
Op het plein gaat het gebeuren!
Als er 20 van die rinkelende dingen in beweging komen en er ook nog getrommeld wordt, ga je vanzelf dansen.
Misschien heb je dat wel eens op de televisie gezien!

Er komen nog meer muzikanten.
Zij krijgen allemaal een kans hun geluid te laten horen.
Sommigen zijn alleen maar er zijn ook groepjes.


Sommige kinderen lopen achter elkaar. Als een rits: ze houden elkaars hand vast.

Ook in de straten wordt er nu gedanst. De muziek hoor je overal!
Gelukkig dat het deze dag een beetje koel is.

Er zijn vast ook veel gasten van de dorpscamping.

Zo nu en dan wordt er door de politie een caravan tegengehouden.
Doorrijden naar- en van de camping kan nu niet. Iedereen moet wachten tot 5 uur!

De meesten vinden dat niet erg. Zij genieten ook mee van het feest.

Sommigen kennen elkaar en kletsen samen. En van de vrouwen vraagt:

“Hebben jullie die vos nog een keer gezien, nadat wij vertrokken waren vorig jaar?”
Dat was niet zo.

Op een open plek, achter in de straat stopt een groentekar.
De verkoper moet ook wachten tot …..uur.

Hij begint wel de groente die hij nu veel verkoopt, asperge, in zakjes af te wegen.
Je weet vast wel waarop hij dat doet.
Een…..weegschaal.

Na 5 uur zal de groentekar wel gauw leeg zijn. Velen moeten thuis eten klaar maken.

Iedereen zal wel honger hebben na al dat gedans!!

 

De tien woorden in dit verhaal zijn: vos, tamboerijn, aftellen, rits, televisie, caravan, brievenbus, weegschaal, asperge en koel